Vos
De vos is een zoogdier uit de familie van de hondachtigen (Canidae) en staat in Nederland bekend als één van de grootste inheemse roofdieren. Het dier is niet veel groter dan een flinke kat, maar door zijn dikke vacht en pluimstaart lijkt hij vaak groter.
Uiterlijk
-
Vacht: meestal oranjebruin tot roodbruin of bruingrijs, met vaak een witte punt aan de staart.
-
Ogen en oren: amberkleurige ogen en grote puntige oren.
-
Grootte: kop-romplengte ongeveer 50–80 cm, staart tot ongeveer 50 cm, gewicht rond 5–8 kg (mannetjes iets groter).
Leefwijze & gedrag
-
De vos kan zowel in bossen, heide, polders als vlak bij mensen leven als er maar genoeg voedsel en dekking is.
-
Het is vooral een schemer- en nachtdier, al kan hij ook vroeg in de ochtend actief zijn.
-
Vossen hebben een uitstekende reuk en gehoor waarmee ze prooien vinden.
-
Ze jagen vooral alleen, maar leven in familiegroepen met vaste territoria.
Voedsel
De vos is een echte opportunist: hij eet wat op dat moment het makkelijkst te vinden is:
-
Kleine knaagdieren (zoals muizen), konijnen en hazen
-
Vogels, eieren en insecten
-
Bessen, fruit en soms voedselresten bij mensen
-
Soms aas dat ergens ligt
– Dit brede dieet helpt de vos te overleven in verschillende omgevingen.
Voortplanting
De paartijd is in de winter. De moervos (vrouwtje) krijgt ongeveer 4–5 jongen na een draagtijd van ongeveer 53 dagen. De jonge vossen verlaten hun geboortegebied meestal rond september.
Verspreiding
De gewone vos komt wijd verspreid voor op het noordelijk halfrond en is ook de enige vossensoort die van nature in Nederland voorkomt.
Bedreiging en bescherming
-
In Nederland heeft de vos geen natuurlijke vijanden (behalve mogelijk de wolf).
-
Vroeger was rabiës (hondsdolheid) een groot probleem, maar dit is door vaccinaties onder wilde vossen vrijwel verdwenen in West-Europa.
-
Vossen mogen in Nederland bejaagd worden bij schade aan flora en fauna, maar jacht had historisch weinig effect op de populatie omdat jonge vossen snel open plekken in de populatie opvulden.
